Outvie zomeractie: Kies uit een Winkelcheque of een Bol.com cadeaubon t.w.v. €50,-* Bekijk de actie.

Recht als zinvol onderdeel van duurzaamheids-aanpak

Picture of Marcel Westphal, Advocaat / Eigenaar  | Westphal Johansen advocaten

Marcel Westphal, Advocaat / Eigenaar | Westphal Johansen advocaten

Marcel Westphal, eigenaar van Westphal Johansen advocaten (een gerenommeerd advocatenkantoor, gevestigd in Nuenen), heeft onlangs deelgenomen aan de opleiding Duurzaamheid & Recht van Outvie. In dit artikel zet Marcel uiteen vanuit welke motivatie hij deze opleiding volgde, wat het hem gebracht heeft én welke inzichten rondom duurzaamheid en recht hij inmiddels in zijn eigen praktijk toe kan passen.

 

Waarom heb je de opleiding Duurzaamheid & Recht gevolgd?

‘Omdat ik ontzettend geïnteresseerd ben in duurzaamheid en omdat ik me al langer zorgen maak over de toekomst van mijn kinderen én kleinkinderen. We pakken, wat mij betreft, niet hard genoeg door met z’n allen. Er is nog té veel weerstand waardoor de aanpak op klimaatgebied zich maar traag voltrekt. Natuurlijk schudden milieurampen ons wakker en zetten ze de boel op scherp, maar tegelijkertijd is het grotere geheel rondom de klimaatproblematiek voor het individu nog maar moeilijk te bevatten’, aldus Marcel.

 

Recht als richtinggevend onderdeel

‘Ik denk bovendien dat het recht een onderdeel zou kunnen én moeten zijn om de verandering in serieuze klimaatbescherming aan te jagen. De politiek is er, wat mij betreft, te weinig mee bezig. Hoe dat in de praktijk werk? Het recht als onderdeel van de klimaataanpak? Wel, het recht zou op verschillende manieren kunnen aanjagen: zo kun je heel veel specifieke regels maken, maar ik ben van mening dat je beter met een aantal beginselen kunt werken. Basisregels, zo je wilt. Denk aan 10 geboden of verboden. Of aan algemeen geformuleerde zorgplichten of fatsoensnormen.

 

En dan in de trant van ‘Gij zult zorgvuldig met het milieu omgaan en het niet verontreinigen’, of – holistischer benaderd – Dieren, planten, water, bodem en lucht vormen de onmisbare leefomgeving van de mens en hebben een bescherming nodig die verder gaat’. Als je dat soort termen als grondbeginselen eer aan doet, ernaar leeft en er ook echt op wordt gehandhaafd, dan kom je al een heel eind’, vervolgt Marcel. ‘Zo kun je je bijvoorbeeld afvragen waarom we überhaupt verontreinigende stoffen in de lucht, het water en de bodem brengen en waarom dat niet verboden wordt. Dat is een wezenlijk ander type vraag dan praten over welke verontreinigende stoffen wel of niet aan bepaalde normen voldoen. Verontreinigend is verontreinigend. Kláár.’

 

Van grof naar fijn

‘Natuurlijk begrijp ik dat het in de praktijk niet zo eenvoudig is, maar deze basale manier van kijken is wél een goed begin. Deze pragmatische inzet kan gelden als de grote lijn. Wanneer je met elkaar de afspraken uit de ‘gebodenlijst’ nakomt, dan kun je later verfijnen. Van grof naar fijn werken gaat vele malen sneller dan dat je op ieder deelgebiedje speciale wetten maakt die tot in detail nageleefd en gehandhaafd moeten worden. Dat is té fijnmazig om mee te starten.’ Onze modus operandi zal écht moeten verschuiven van profit first naar planet and ecosystem first. Als het ecosysteem kopje onder gaat, gaan wij mensen ook ten onder. De mens zal niet meer automatisch op de eerste plaats staan, maar zijn plaats moeten delen mét, en soms zelfs voorrang moeten geven aan andere deelnemers aan en elementen van ons ecosysteem. De tijd voor mooie maar misleidende woorden is voorbij. Harmonie in plaats van hegemonie zou ons richtsnoer moeten zijn.’

 

Wat zijn de belangrijkste inzichten die je hebt opgedaan?

‘Zonder twijfel heb ik meer kennis over wet- en regelgeving opgedaan. En ook over wat erbij komt kijken wanneer je als jurist met duurzaamheid aan de slag gaat. Denk bijvoorbeeld aan de weerstand die je tegenkomt, en aan dat het niet altijd zo eenvoudig is om tegen die stroom in te roeien. Elke partij kijkt immers vanuit zijn eigen bril naar deze materie: iedereen heeft, ondanks ons gezamenlijke hogere doel, verschillende belangen. Maar dat maakt het ook wel weer interessant en uitdagend om binnen deze thematiek te werken.’

 

‘Op het gebied van duurzaamheid had ik, voor ik aan de opleiding deelnam, al best het een en ander gelezen, al zat mijn kennis nog niet zo diepgeworteld als bij sommige anderen. Deze opleiding was voor mij dan ook een springplank naar de diepte. En waarschijnlijk niet voor mij alleen, er verandert zoveel! Zo komt er bijna maandelijks nieuwe wetgeving uit in Europa. Het is veel om bij te houden.’

 

‘Tot slot, de belangrijkste inzichten die ik heb opgedaan gingen vooral over het krijgen van overzicht in de uitgebreide wereld van duurzaamheid in combinatie met recht. Ik heb geleerd wat er allemaal speelt binnen dit kader, wat er op de rol staat en hoe collega-juristen en docenten naar deze materie kijken. Ook dat laatste was overigens bijzonder leerzaam.’

 

Welke inzichten kunt je nu al toepassen in je huidige werkpraktijk?

‘Ik richt me vanuit mijn praktijk vooral op het grotere midden- en kleinbedrijf. Bij dat type bedrijf begint het thema ‘klimaat en duurzaamheid’ nu pas net een rol te spelen qua actiegerichtheid. De multinationals zijn al veel verder met het ondernemen van actie. Dat moeten ze ook, want er is al veel geldende wetgeving die op grote bedrijven van toepassing is.’

 

Biobased blijkt spannend

“In mijn dagelijkse praktijk krijg ik inmiddels langzaam maar zeker, steeds meer vragen op mijn bureau, al had ik er gezien de urgentie van de problematiek wel al meer verwacht. Je ziet dat door de situatie in Oekraïne en door alles wat er nog meer gebeurt in de wereld, mensen toch steeds meer initiatief gaan tonen. Ook circulariteit begint een rol te spelen, denk bijvoorbeeld aan het wereldwijde gebrek aan grondstoffen en de hoge prijzen daarvan, ondernemers die met nieuwe producten aan de slag willen et cetera.

 

In de praktijk blijkt de wetgeving dan vaak nog niet zover en ook de keten niet. Dan is men bijvoorbeeld nog niet in staat om deze nieuwe producten te verwerken. Biobased materials zijn daar een mooi voorbeeld van: men is nog huiverig voor de inzet daarvan. Op zich begrijpelijk, want iedereen kent de plastics en weet hoe ‘goed’ deze zich houden. Bovendien is daar ook duidelijke wetgeving voor. Met biobased is dat nog een relatief onontgonnen gebied: dat is nog niet volledig uitgekristalliseerd. Kortom, dat is spannend’, vervolgt Marcel.

 

Opgelegde eisen rondom milieu en materiaal

‘Ook duurzaamheidskwesties komen in toenemende mate voorbij. Ik zie vooral hoe bedrijven strugglen met het gegeven dat het model dat ze nu hebben, nog puur gebaseerd is op de fossiele wereld. En met het feit dat de gedane investeringen nog niet afgeschreven zijn. Verder vraagt men zich onder meer af wie dan de nieuwe partners worden en hoe er om moet worden gegaan met contracten. Wat ik verder zie is dat de écht grote bedrijven in rap tempo opgeschroefde eisen aan hun toeleveranciers stellen. Denk dan aan het opleggen van milieu- en materiaaleisen. De partijen in de keten hebben geen andere keuze dan meebewegen.’

 

Wat adviseer je anderen die interesse in deze training hebben?

‘Voor mij was het gedurende de opleiding heel fijn om een goed overzicht te krijgen, ik weet nu veel beter wat er speelt dan voorheen. Ook heb ik de belangrijke ontwikkelingen in beeld. Sowieso lees ik alles wat los en vast zit over dit onderwerp. Deze opleiding heeft me goed geholpen om te ontdekken welke thema’s er spelen. Maar ook om onderscheid te maken in welke zaken écht belangrijk zijn. Ik zie deze opleiding als een puzzel met veel stukjes. Weliswaar als een uitdagende, maar bijzonder mooie puzzel die je zélf af kunt maken. En dan bij voorkeur vanuit een intrinsieke motivatie met de mensen om je heen’, besluit Marcel.

Meer inspiratie?

Verder lezen over dit onderwerp? Lees hier het verhaal van Edward Brans, hoogleraar Duurzaamheid en Milieuaansprakelijkheid aan de Universiteit Utrecht. Of bekijk direct alle informatie van deze opleiding.

Download de brochure

Share

Outvie logo