Gevolgen invoering Omgevingswet voor BRZO-bedrijven

Jiří Hartog, Hoofdredacteur | Europoort Kringen

Jiří Hartog, Hoofdredacteur | Europoort Kringen

‘Ga achter het stuur zitten”

Als de Omgevingswet van kracht wordt, doen BRZO-bedrijven er goed aan om proactief het gesprek met de gemeente aan te gaan. “Bespreek nu al de milieuruimte die in de toekomst nodig is, zodat je straks niet achter de muziek aanloopt”, zegt Simone van Dijk, docent van de opleiding ‘Impact Omgevingswet voor milieubelastende bedrijven’ van Outvie.

Het is de grootste wetswijziging sinds de invoering van de Grondwet, als op 1 januari 2023 de Omgevingswet van kracht wordt. “De Omgevingswet regelt alles voor de fysieke leefomgeving. Nu is er een hele set aan wetten, besluiten en regels die allemaal een stukje van de leefomgeving regelen. Straks wordt dit in de Omgevingswet geconcentreerd. Volgens het Rijk wordt het eenvoudiger en beter; de uitvoeringspraktijk zal er zeker nog aan moeten wennen. Het hoofddoel is om integraal naar de leefomgeving te kijken, maar het blijft ingewikkeld”, legt Simone van Dijk uit.

 

Specifieke opleiding Omgevingswet

In het dagelijks leven is Van Dijk leading professional omgevingsveiligheid bij Royal HaskoningDHV. “Ik richt mij op het inpassen van activiteiten met gevaarlijke stoffen in de leefomgeving, waarbij ik speciale aandacht heb voor de energietransitie. Enerzijds willen wij andere energiedragers de ruimte geven, anderzijds is er in ons kleine landje ook woningnood. Ik houd mij bezig met de vraag hoe wij daar op een verstandige en veilige manier mee kunnen omgaan.” Van Dijk is daarnaast docent van de opleiding ‘Impact Omgevingswet voor milieubelastende bedrijven’, die Outvie op 23 en 24 juni a.s. aanbiedt. “Deze opleiding wordt voor het eerst gegeven en is opgezet naar aanleiding van het BRZO Congres, dat eind vorig jaar is gehouden. Ik gaf daar uitleg over de Omgevingswet in relatie tot omgevingsveiligheid en impact voor bedrijven. Dat maakte zoveel reacties los dat is besloten dit onderwerp in een specifieke opleiding verder uit te diepen.” 

Anders samenwerken door de Omgevingswet

“Door de Omgevingswet zullen bedrijven meer moeten samenwerken met hun omgeving en het bevoegd gezag op het gebied van vergunningverlening. Participatie wordt belangrijker”, stelt zij. “In mijn vakgebied verandert daarnaast de manier waarop wordt omgegaan met de risico’s en effecten van milieubelastende bedrijven op de omgeving. Nu rekenen wij bijvoorbeeld nog met het groepsrisico, maar die verplichting komt te vervallen. Daarvoor in de plaats komen kaartbeelden. Dit zijn aandachtsgebieden op kaarten waarin de gemeente aandacht heeft voor de mogelijke effecten van milieubelastende bedrijven en de impact die deze kunnen hebben als iets fout gaat. Dat proces wordt dus anders.” Voor een (Q)HSE manager is volgens Van Dijk het belangrijkste verschil dat hij of zij op een andere manier moet gaan samenwerken met de vergunningverlener en omwonenden. “Meer mensen zijn bij het traject betrokken en meer mensen zullen er dus ook een mening over hebben.”

 

Proactief

Voor een (Q)HSE manager betekent dit volgens Van Dijk dat het nog belangrijker wordt om proactief te handelen. “Zorg dat je als bedrijf een verhaal hebt richting de omgeving. De bestemmingsplannen worden straks samengevoegd in een omgevingsplan, waarin ook een deel van de milieuregels komen te staan, veelal met een rechtstreekse werking. Gemeenten kunnen ervoor kiezen om in het omgevingsplan de milieuruimte voor bestaande en nieuwe bedrijven te regelen. Deze plannen worden nu uitgedacht. (Q)HSE managers zouden nu al het gesprek met gemeenten aan moeten gaan over de huidige en toekomstige milieuruimte die zij nodig achten.

 

Dat besef begint nu door te sijpelen, maar is nog lang niet bij alle bedrijven ingedaald. Hiermee lopen zij het risico om straks achter de muziek aan te lopen. Kijk hoe je dit samen kunt regelen. Bedrijven doen er goed aan nieuwe ontwikkelingen niet af te wachten. Ga achter het stuur zitten. Bepaal wat je in de toekomst nodig hebt en ga het regelen. In de training gaan we nog veel uitgebreider in op wat op bedrijven afkomt en waar ze aandacht aan kunnen geven.”

 

Verwerven

“Het proces van vergunningverlening zal straks nog op dezelfde manier plaatsvinden, alleen worden delen van de vergunning in het omgevingsplan opgenomen. De gemeente kan ervoor kiezen om milieu-eisen, bijvoorbeeld ten aanzien van de luchtkwaliteit, niet in een vergunning maar in het omgevingsplan op te nemen. Die kunnen ook strenger uitvallen. De relatie tussen omgevingsplan en vergunningen zal meer in elkaar verweven raken”, verwacht Van Dijk. Het komt erop neer dat de gemeente meer nadrukkelijk invloed gaat uitoefenen.

 

Gemeenten mógen ook meer regelen, want het Rijk schuift steeds meer taken naar gemeentelijk niveau. “Ook voor de omgevingsdiensten heeft dit consequenties. Zij moeten ervoor zorgen dat ze met gemeenten aan tafel zitten als er plannen worden gemaakt. Als ze niet oppassen kunnen zij buitenspel komen te staan. Omgevingsdiensten ondersteunen gemeenten en provincies met kennis, maar die zijn niet verplicht om bij het maken van het omgevingsplan daarvan gebruik te maken. Ik hoop – en verwacht – dat gemeenten en provincies wel een beroep op omgevingsdiensten zullen doen voor omgevingsplannen, wat meestal complexe vraagstukken zijn.”

 

Leer  meer over  de nieuwe wijzigingen naar uw vergunningsproces tijdens het  Nationaal Congres BRZO-Seveso

Download de brochure van het Nationaal Congres BRZO-Seveso

Share